zondag 9 mei 2010

Rokjesweer 2010 ( Eerbetoon aan Martin Bril)

Het is een stralende morgen. Eindelijk blote benenweer. Martin Bril knikt goedkeurend vanuit de blauwe hemel. Ik jubel en voel de voorpret. Een kriebel kruipt omhoog vanuit mijn tenen en blijft ergens steken in mijn buik. Douchen en dan snel naar buiten, heerlijk.

In de badkamer kijk ik nog snel in de spiegel. Fronsend scheld ik op het licht. Je ziet alles. Tijd om wenkbrauw en andere beharing die niet voldoet eruit te trekken. Waar zijn het pincet en de hars? Wacht, ondertussen ook maar even snel de oksels doen. Het zwiert stukken beter met gladde oksels in een zomerjurkje.

Ondertussen kijk ik naar beneden en zie... Juist, hoog tijd om ook de rest bij te werken. Je zult straks net lekker liggen en dan bekenden tegenkomen Dat kan dus echt niet. Nog voor ik onder de douche sta, bedenk ik, dat een maskertje ook best lekker is. Eerst maar smeren, kan het ondertussen goed intrekken. En nu de benen nog. Ik pak het goed bewaarde martelwerktuig uit de kast, de Epilady. Pijnlijk, maar dan heb je wel wat, of eigenlijk juist niet. Ik zet mijn tanden op elkaar en verbijt me. Na een paar minuten slaan de zenuwen dood, weet ik inmiddels uit ervaring, maar wat duren die verdraaide minuten ineens lang. Wie mooi wil zijn, moet pijn lijden, zei mijn moeder altijd. Damn, wat haat ik gezegdes.

Goed werk. Nu de finishing touch nog. De teennagels bijwerken en lakken, want dat staat zo leuk in een zomerschoentje. Ik heb ze in geen tijden meer gelakt. De lak is helemaal hard geworden en het is er niet meer fatsoenlijk op te krijgen. Er maar weer af dan en een ander kleurtje zoeken. Beetje glans op de lippen, haren in een staart. Met een glimlach bekijk ik het resultaat in de spiegel.
Met mijn lippen getuit, zeg ik tegen mezelf: “Aan the looks kan het niet meer liggen, babe.”

Stoel, boekje, zonnebril, mobiel, iets te drinken, check. Met een triomfantelijke zucht nestel ik me in de stoel, Klaar! Shit, waar is de zon nu?


Lind@ de Jong